correlatieve logica

 

(citaat van Kristofer Schipper uit diens inleiding van de vertaling van de ZhuangZi)
Er zijn dingen die we kunnen weten omdat we ze kunnen bewijzen. Maar tenslotte zijn er ook veel dingen die we weten zonder dat we ze kunnen of hoeven te bewijzen. En er zijn ook heel veel dingen die we niet weten en nooit zullen weten, en die zijn vaak belangrijker dan de dingen die we wel weten. Hiermee slaat, in de latere oudheid, het Chinese denken een radicaal andere weg in dan Hellas. In plaats van het causale denken, dat de logica van de Griekse filosofie en wetenschap kenmerkt, kiest het daoïsme voor de ‘correlatieve logica’. Aan de basis van de correlatieve logica ligt een classificatiesysteem ten grondslag, dat gebaseerd is op de observatie van de natuur en haar dynamische wetten, zoals die belichaamd worden in het universele transformatieproces, de eeuwige kringloop van de Dao. Dit is ‘de weg’, de manier waarop dingen geschapen worden en weer verdwijnen, van yin en yang (negatief en positief), van de vijf fundamentele stadia van de transformaties (wuxing), de zes uitersten (de vier windrichtingen, het zenit en het nadir), en al hun interacties zoals die, bijvoorbeeld, kunnen worden weergegeven door de acht trigrammen (bagua) of, in een verdere ontwikkeling van hetzelfde systeem, in de vierenzestig hexagrammen van het Boek der Veranderingen (Yijing). Dingen die onder dezelfde categorie vallen (tonglei) resoneren met elkaar en functioneren op een analoge manier. Het is deze correlatieve logica die de basis vormt van de Chinese medicijnen, de meest uitgebreide en meest diepgaande tak van de Chinese wetenschap.
De categorieën van het Chinese correlatieve denken, zoals bijvoorbeeld yin en yang, zijn universeel en onbegrensd. Ze zijn zowel immanent (inherent aan alle dingen) als transcendent, in zoverre dat ze niet door de dingen bepaald worden, maar zij, als boven de materie uitstijgende principes, de hoedanigheid van de materie bepalen. Alle categorieën komen samen en versmelten in de Dao, het grondprincipe van de kosmos. De beide fundamentele modaliteiten van yin en yang vormen samen de Dao: ‘Eenmaal yin, eenmaal yang: dat is de Dao,’ schrijft de Xici, een appendix van het Boek der Veranderingen. Maar aan deze beroemde definitie kan ook een andere duiding gegeven worden: ‘eenmaal’ kan ook ‘geheel’ betekenen, en dan luidt de zin: ‘Geheel yin, en [tegelijkertijd] geheel yang, dat is de Dao.’ Beide duidingen zijn juist. De eerste slaat op de schepping, de kosmos, waarin de krachten van yin en yang samen alles vorm geven. Dit is het ‘hoogste principe’ (taiji, vaak geschreven als t’ai-chi). De tweede duiding slaat op de modaliteit waarin yin en yang samen versmolten zijn en er nog geen ‘principe’ (beginpunt) is. Dit is het ‘zonder principe’ (wuji), de fase waarin alle dingen nog ongedifferentieerd aanwezig zijn in de aan de schepping voorafgaande oerchaos (hundun). In de Zhuangzi speelt deze ongedifferentieerde fase een uiterst belangrijke rol, als zijnde de meest vooraanstaande modaliteit van de Dao. Niet het zijn maar het niet-zijn; niet het weten maar het niet-weten; niet het doen maar het niet-doen bestemt onze werkelijkheid. Dat is de ware hoedanigheid, de waarachtigheid (zhen) van de Dao”.

in feite hanteert de Yijing drie soorten logica geintegreerd in een enkel systeem :

  • causale logica
  • dialectische logica
  • correlatieve logica

Reacties zijn gesloten.